Archeologisch onderzoek laat zien dat het gebied waar Roden nu ligt al duizenden jaren vóór de middeleeuwen werd bewoond. Archeoloog Fred van den Beemt neem de lezer mee in het verhaal van dit archeologisch onderzoek. Tussen 20 juli en 17 augustus is dit verhaal te zien in een tentoonstelling in Activiteitencentrum de Dobbe in Roden.
Belangrijke aanwijzingen hiervoor kwamen aan het licht tijdens archeologisch onderzoek op de Westeresch in Roden. In 2011 werd daar een proefsleuvenonderzoek uitgevoerd voorafgaand aan de aanleg van een brandweerkazerne, detailhandel en waterpartijen. Daarbij werden goed geconserveerde sporen aangetroffen die onder een beschermende laag esdek lagen. In deze sporen werd aardewerk gevonden dat dateert uit de late Bronstijd en de late IJzertijd, waarbij het grootste deel afkomstig was uit de vroege en midden-IJzertijd. Het ging vooral om grof, handgevormd aardewerk met een ruwe afwerking.
De aangetroffen sporen wezen erop dat zich op deze locatie een erf heeft bevonden uit de vroege of midden-IJzertijd. Omdat ook aardewerk uit de Bronstijd werd gevonden, ontstond het vermoeden dat onder het IJzertijderf mogelijk nog resten van een ouder Bronstijderf aanwezig waren. Het aardewerk kon relatief nauwkeurig worden gedateerd doordat het duidelijk verschilde van materiaal uit zowel de Romeinse tijd als de middeleeuwen. Archeologen concludeerden daarom dat waarschijnlijk sprake was van een beperkte bewoningsfase: mensen vestigden zich hier gedurende een bepaalde periode, verlieten het gebied vervolgens weer en keerden niet meer terug.
Om meer inzicht te krijgen in de vindplaats werd het terrein in 2017 volledig opgegraven. Deze opgraving leverde een groot aantal sporen en vondsten op die samen een duidelijk beeld gaven van een prehistorisch erf. Zo werden de resten van drie grote gebouwen ontdekt: een mogelijk woonhuis of grote schuur, een driebeukige huisplattegrond van ongeveer 3,5 bij 9 meter en een groot bijgebouw uit de overgangsperiode van de late Bronstijd naar de IJzertijd. Daarnaast werden verschillende spiekers aangetroffen, kleine opslaggebouwtjes voor voedselvoorraden, die waarschijnlijk eveneens uit de IJzertijd dateren.
Proefsleuf van de opgraving uit 2011 waarop de fundering van de boederij te zien is. Bron: De steekproef, Roden, Westeresch
Gemeente Noordenveld (Dr.) Inventariserend Veldonderzoek door middel van Proefsleuven Steekproefrapport 2011-08/07, pagina 11.
Naast de gebouwsporen werd veel vondstmateriaal verzameld. Het grootste deel daarvan bestond uit aardewerk. Dit omvatte zowel handgevormd aardewerk als aardewerk dat op een draaischijf was vervaardigd. Het handgevormde aardewerk dateert grofweg van de Bronstijd tot en met de middeleeuwen, terwijl het gedraaide aardewerk voornamelijk uit de late middeleeuwen en nieuwere tijd afkomstig is. Op basis van het aardewerk uit de sporen konden archeologen de belangrijkste bewoningsfase dateren van de midden-Bronstijd tot en met de midden-IJzertijd, zelfs tot de Romeinse tijd. Vondsten zoals een fibula’s (mantelspelden), een Romeins Denerius (zilveren munt) getuigen van contacten en handel tussen de plaatselijke bewoners en de Romeinen.
Hoewel aardewerk uit allerlei perioden de grootste vondstcategorie vormde, werden ook diverse metalen voorwerpen aangetroffen. Het ging onder meer om broches, munten, knopen, vingerhoedjes, spijkers, gespen, kogels, bestek, speelgoed, moeren, bouten, nagels, ringen en onderdelen van fietsen en auto’s. Veel van deze metalen objecten zijn echter afkomstig uit latere perioden en tonen aan dat het terrein ook na de prehistorie nog werd gebruikt.
De oudste aanwijzingen voor menselijke aanwezigheid in het gebied zijn zelfs nog ouder dan de Bronstijd. Hoewel de vindplaats voornamelijk materiaal uit de Bronstijd en IJzertijd heeft opgeleverd, zijn er ook sporen van activiteit uit het neolithicum, de Nieuwe Steentijd. Behalve een stenen kling en vuurstenen pijlpunt zijn geen duidelijke voorwerpen uit deze periode gevonden, maar de aanwezigheid ervan laat zien dat mensen al vele duizenden jaren vóór de Bronstijd in de omgeving van het huidige Roden actief waren.
De archeologische onderzoeken op de Westeresch maken daarmee duidelijk dat het gebied van Roden een lange bewoningsgeschiedenis kent. Hoewel van een dorp Roden in de huidige betekenis nog geen sprake was, woonden en werkten hier al mensen vanaf het neolithicum en zeker gedurende de Bronstijd en IJzertijd. De resten van erven, huizen, opslaggebouwtjes en gebruiksvoorwerpen vormen het oudste tastbare bewijs van menselijke aanwezigheid op de plek waar later het dorp Roden zou ontstaan.






